Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3.

Artikel 8.

Over te leggen stukken.

Onderdeel van Begraafplaatsverordening 2012

1.. Begraving mag slechts geschieden indien van tevoren het verlof tot begraven of de bezorging van as is overgelegd aan de beheerder. 2.. Indien de begraving of de bezorging van as in een particulier graf, particulier urnengraf, urnennis of wandgraf zal plaatsvinden dient een machtiging daartoe bij de kennisgeving als bedoeld in artikel 7 lid 2, aan de beheerder te worden overgelegd, ondertekend door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door een van de andere personen, genoemd in artikel 17, tweede lid die daarbij verzoekt om overschrijving van het recht op zijn of haar naam. 3.. Begraving of bijzetting in een particulier graf, particulier urnengraf of wandgraf waarvan de uitgiftetermijn binnen de wettelijke minimum grafrusttermijn afloopt, kan alleen plaatsvinden onder gelijktijdige verlenging van de uitgiftetermijn met een zodanige periode dat de alsdan resterende uitgiftetermijn ten minste gelijk is aan de wettelijke minimum grafrusttermijn. De verlenging dient te worden aangevraagd door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door één van de andere personen, genoemd in artikel 17, tweede lid. 4.. De beheerder onderzoekt of de overgelegde stukken toereikend zijn.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel