Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 13

Financieringsfunctie

Onderdeel van Financiële verordening gemeente Stadskanaal 2012

Het college draagt bij de uitoefening van de financieringsfunctie zorg voor: het aantrekken van voldoende financiële middelen en het uitzetten van overtollige gelden om de programma’s binnen de door de raad vastgestelde kaders van de begroting te kunnen uitvoeren; het beheersen van de risico’s, verbonden aan de financieringsfunctie, zoals renterisico’s, koersrisico’s en kredietrisico’s; het zoveel mogelijk beperken van de kosten van de leningen en het bereiken van een voldoende rendement op de uitzettingen; het beperken van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities. Het college neemt bij de uitvoering van de financieringsfunctie de volgende richtlijnen in acht: het uitzetten van overtollige geldmiddelen gebeurt uitsluitend bij financiële instellingen met ten minste een single A-rating van één van de volgende erkende ratingbureaus: Moody's, Standard & Poor's of Fitch IBCA; overtollige geldmiddelen worden uitsluitend uitgezet tegen vastrentende waarden, dan wel in producten waarbij de hoofdsom ten minste aan het eind van de looptijd in tact is; voor het aantrekken van financieringen voor langer dan één jaar, worden ten minste twee prijsopgaven bij verschillende financiële instellingen gevraagd; overeenkomsten voor het aangaan van leningen, het uitzetten van middelen of het verlenen van garanties luiden in euro. Bij het uitzetten van middelen, het verstrekken van garanties en het aangaan van financiële participaties uit hoofde van de publieke taak bedingt het college indien mogelijk zekerheden. Het college motiveert in zijn besluit het openbaar belang van dergelijke uitzettingen van middelen, verstrekkingen van garanties en financiële participaties. Het college neemt daarbij hetgeen in artikel 169, vierde lid van de Gemeentewet is bepaald in acht. Achtervangovereenkomsten voor leningen die geborgd zijn door de Stichting Waarborgfondsen Sociale Woningbouw, het Waarborgfonds Eigen Woningen, het Waarborgfonds voor de Zorgsector, het Waarborgfonds Kinderopvang of de Stichting Waarborgfonds Sport worden door de raad beschouwd als overeenkomsten waarvoor het college voldoende zekerheid heeft verworven. Het college stelt regels op ter uitvoering van het gestelde in dit artikel en legt deze regels, alsmede de regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening vast in een besluit financieringsstatuut. Het college zendt het besluit financieringsstatuut ter kennisgeving aan de raad.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel