Naar hoofdinhoud
Zoals aangegeven is er een verschil tussen een winkeluitstalling, een reclamebord of een terras. Er zijn richtlijnen/voorschriften die in alle situaties van toepassing zijn. Voorschriften: Winkeluitstallingen en reclameborden worden alleen toegestaan voor of naast de gevel van het pand waarin de betreffende bedrijfsmatige handelingen worden verricht. Toelichting: Er moet en directe relatie zijn tussen de te plaatsen objecten en het pand waar de betreffende bedrijfsmatige activiteiten worden uitgeoefend. Buren of andere belanghebbenden mogen geen overlast ondervinden van uitstallingen, reclameborden of terrassen. Wanneer een winkelpand ook aan de achterzijde aan een openbare weg grenst, zien we vaak dat daar ook borden worden geplaatst. Dit geeft vaak een rommelige indruk. In deze situatie achten wij het gewenst dat aan de achterzijde geen borden of uitstallingen mogen worden geplaatst op de openbare weg. Er moet een vrije doorgang voor voetgangers van ten minste 1,80 meter beschikbaar blijven op het uitsluitend voor voetgangers bestemde weggedeelte. Indien de uitstalling op voor voetgangers bestemd gebied uitgestald staat, dient ten behoeve van de doorgang van hulpverlenings-voertuigen een vrije ruimte van 4,50 meter beschikbaar te blijven. Toelichting: Voetgangers moeten vrij gebruik kunnen maken van het voetgangersgedeelte. 1,80 meter is een minimum norm. Voorkomen moet worden dat voetgangers gedwongen worden over de rijbaan te lopen. In bestaande vergunningen is in het verleden ook een norm van 1,50 m toegepast. Naar aanleiding van een inspraakreactie van het Gehandicaptenplatform wordt de norm op 1,80 m gesteld voor nieuw te verlenen vergunningen. De norm van een vrije voetgangersruimte geldt nu voor nieuw uit te geven vergunningen. Bestaande rechten blijven als overgangsrecht gehandhaafd zolang de bestaande vergunning gebruikt kan worden. Wanneer er uitsluitend een voor voetgangers bestemd gedeelte is, moet er in ieder geval ten behoeve van de hulpverleningsvoertuigen een vrije ruimte van 4,50 meter beschikbaar blijven. De voorwerpen mogen niet op de rijbaan voor het verkeer worden geplaatst. Deze voorwaarde spreekt voor zich en is gesteld in het belang van de verkeersveiligheid. De rijbaan moet ook te allen tijde vrij blijven ten behoeve van de doorgang van de hulpdiensten. De voorwerpen mogen niet op voor parkeren bestemde weggedeeltes worden geplaatst. Deze voorwaarde is noodzakelijk om de beoogde parkeergelegenheid beschikbaar te houden voor het doel waarvoor ze zijn gerealiseerd. Plaatsing van voorwerpen in of op gemeentelijk plantsoenen wordt niet toegestaan. Plaatsing van reclameborden en uitstallingen op het gemeentelijk plantsoen is niet gewenst uit oogpunt van redelijke eisen van welstand. Bovendien belemmert de aanwezigheid van voorwerpen op of in het gemeentelijk plantsoen een doelmatig beheer en onderhoud. Dit geldt vooral voor grasperkjes, die in de zomer gemaaid moeten worden. De losse voorwerpen mogen alleen op de openbare weg staan tijdens de openingstijden van de winkel. Buiten de winkeltijden is er veelal geen beheer over de vaak losse voorwerpen. Daarom is het noodzakelijk dat na winkelsluiting de goederen en voorwerpen van de openbare weg worden verwijderd en binnen worden gezet. Maximum aantal reclameborden Er wordt 1 reclamebord (stoepbord of reclamestandaard), per winkel toegestaan, met een maximale oppervlakte van 1 m2, een en ander met in achtneming van een maximale hoogte van 1,50 meter en een maximale breedte van 1,00 meter per bord. Voorwerpen mogen de toegang tot winkels niet belemmeren. Voorwerpen op de weg moeten zo opgesteld worden dat voetgangers en rolstoelgebruikers vanaf de openbare weg gemakkelijk toegang kunnen krijgen tot de winkel of horecagelegenheid. Dit betekent dat er geen voorwerpen of uitstallingen voor de winkeldeur mogen worden geplaatst. Hieronder volgt een beschrijving van de specifieke gebieden en de daarbij behorende voorschriften:

Rechtspraak bij dit artikel