**1..** Aanwezige toehoorders worden in een openbare vergadering in de
gelegenheid gesteld het woord te voeren over willekeurige
onderwerpen. Het kunnen agendapunten zijn, maar dat hoeft niet.
**2..** Elke inspreker krijgt maximaal drie minuten het woord. De
voorzitter verdeelt de maximale gezamenlijke spreektijd van
dertig minuten evenredig over de sprekers als er meer dan tien
sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen
afwijken van de maximale lengte van de spreektijd.
**3..** Het woord kan niet gevoerd worden:
over een besluit van het gemeentebestuur waartegen
bezwaar en/of beroep op de rechter open staat of heeft
opengestaan;
over benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen
van personen;
indien een klacht op grond van artikel 9:1 van de
Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden
ingediend.
**4..** Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit
voor 12.00 uur op de dag van de vergadering aan de griffier. Hij
vermeldt daarbij zijn naam en het onderwerp waarover hij het
woord wil voeren.
**5..** Betreft het een agendapunt dan stelt de voorzitter de
inspreker(s) onmiddellijk voor de behandeling van het
betreffende agendapunt in de gelegenheid het woord te
voeren.
**6..** Betreft het geen agendapunt dan bepaalt de raad bij het
vaststellen van de agenda in welke volgorde de insprekers het
woord krijgen. De voorzitter kan van de volgorde afwijken,
indien dit in het belang is van de orde van de vergadering.
**7..** De inspreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft
verleend.
HOOFDSTUK III › Afdeling 1
Artikel 16
Inspreken
Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen van de raad van de gemeente Leiderdorp 2012