Bestuursrechtelijke maatregelen gericht tegen woningen zijn in beginsel minder zwaar/ingrijpend dan bestuursrechtelijke maatregelen gericht tegen lokalen. Doordat de sluiting van woningen zwaarder ingrijpt op de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene(n) dan de sluiting van lokalen, wordt in het bij deze gedragsregel behorende handhavingsarrangement onderscheid gemaakt tussen woningen en lokalen. Het recht op ongestoord woongenot rechtvaardigt een minder vergaande aanpak ten aanzien van woningen (artikel 8 van het EVRM). De wetgever heeft ervan afgezien het begrip woning te definiëren. De burgemeester verstaat onder woning een voor bewoning gebruikte ruimte. Of een woning gebruikt wordt als woonruimte blijkt uit de Gemeentelijk Basis Administratie. Een persoon die incidenteel overnacht in een woning en niet op dit adres in de GBA staat ingeschreven, wordt niet aangemerkt als bewoner. Een voor bewoning bestemde ruimte die niet gebruikt wordt als woning kan aangemerkt worden als lokaal.
Artikel 3
ONDERSCHEID LOKALEN EN WONINGEN
Onderdeel van interne gedragsregel toepassing artikel 13b Opiumwet Losser 2012