Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 18

Overgangsbepaling

Onderdeel van Besluit voorzieningen maarschappelijke ondersteuning (Besluit vmo)

1. De persoon aan wie vóór 1 januari 2012 een voorziening door de gemeente is verstrekt, waarvoor hij op grond van vorig besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning Wmo geen eigen bijdrage of eigen aandeel in de kosten verschuldigd was, is vanaf 3 maanden nadat hem in een beschikking is meegedeeld dat hij een eigen bijdrage of een eigen aandeel voor die voorziening moet betalen, de eigen bijdrage of het eigen aandeel in de kosten verschuldigd; 2. Hetgeen bepaald is in lid 1 van dit artikel is van overeenkomstige toepassing op voorzieningen die verstrekt worden op aanvragen die ingediend zijn vóór 1 januari 2012 en waarop na deze datum een beslissing is genomen. 3. De persoon aan wie vóór 1 januari 2012 een voorziening door de gemeente is verstrekt, waarvoor er op grond van de vorige Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning geen sprake was van een inkomensgrens, behoudt deze voorziening nog 6 maanden nadat hem in een beschikking is meegedeeld dat er geen recht meer bestaat op grond van deze inkomensgrens; 4. Voor bestaande gebruikers per 1 januari 2012 van een algemene voorziening in de vorm van een collectieve vervoersvoorziening, geldt een overgangstermijn en gaan de inkomensgrenzen in zodra op grond van gewijzigde omstandigheden een herindicatie heeft plaatsgevonden en de uitslag daarvan in een beschikking is meegedeeld. 5. De persoon die voor een scootermobiel een besparingsbijdrage heeft betaald krijgt pas een eigen bijdrage opgelegd nadat, te rekenen vanaf 1 januari 2012, het betaalde besparingsbijdragebedrag is verrekend met de berekende periodieke eigen bijdrage. Bijvoorbeeld: de betaalde besparingsbijdrage is €400,00. De eigen bijdrage bedraagt €100,00 per 4 weken. Dan start de betaling van de eigen bijdrage na 4 periodes van 4 weken, dus vanaf de 5e periode.

Rechtspraak bij dit artikel