De belasting die per jaar wordt geheven is verschuldigd bij het
begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang
van de belastingplicht.
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar
aanvangt, is de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde
gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in
dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle
kalendermaanden overblijven.
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar
eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde
gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in
dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle
kalendermaanden overblijven.
Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de
belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een
ander perceel in feitelijk gebruik neemt.
Belastingbedragen van minder dan € 9,00 worden niet geheven.
Voor de toepassing van het bepaalde in het vijfde lid wordt het
totaal van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen
belastingen afvalstoffenheffing of andere heffingen aangemerkt
als één belastingaanslag.
Hoofdstuk
Artikel 6
Artikel 6
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing 2014