Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3

Subsidie

Onderdeel van Subsidieregeling wind- en waterdicht Hembrugterrein

1.. Met inachtneming van de in deze regeling vermelde definities, voorwaarden en beperkingen stelt het college de subsidiabele kosten als bedoeld in artikel 1, lid 8 vast onder toepassing van de “Leidraad BRIM Subsidiabele Instandhoudingskosten, (hoofdstuk 1; paragrafen 00, 01, 05, 10, 14, 20, 21, 22, 24, 25, 30, 33, 34, 35, 36, 46, 50, 51, 52, 60)” van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. 2.. Wanneer werkzaamheden worden verricht door de eigenaar – anders dan in de uitoefening van zijn bedrijf – al dan niet met behulp van anderen, zonder dat er bij de hulp sprake is van uitoefening van een bedrijf - zijn (vervangende) “loonkosten” niet subsidiabel. 3.. Van de subsidiabele kosten worden afgetrokken die kosten, die op grond van een verzekering worden gedekt, alsmede de kosten die via een andere regeling zijn of kunnen worden gefinancierd. 4.. De subsidie bedraagt 100% van de subsidiabele kosten. 5.. De maximaal te verstrekken subsidie per monument is € 500.000,--

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel