Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van begraafrechten 2010

Deze verordening verstaat onder: a begraafplaats: de algemene begraafplaats aan de Woudenbergseweg; b eigen graf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: – het doen begraven en begraven houden van lijken; – het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; – het doen verstrooien van as; c algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken; d eigen urnengraf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor voor bepaalde of onbepaalde tijd het uitsluitend recht is verleend tot: – het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; – het doen verstrooien van as; e algemeen urnengraf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen bijzetten van asbussen met of zonder urnen; f urnennis: een nis, waarvoor voor bepaalde of onbepaalde tijd het recht is verkregen tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen of urnen; g asbus: een bus ter berging van as van een overledene; h urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen; i verstrooiingsplaats: een permanent daartoe bestemd terrein waarop as wordt verstrooid.

Rechtspraak bij dit artikel