Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang voor de naar een tijdvak geheven rechten

Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van marktgeld Vlissingen 2010

1.. Het marktgeld, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a, b en c, is verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2.. Indien de belastingplicht voor het marktgeld, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a, b of c, in de loop van het belastingtijdvak aanvangt, is het marktgeld verschuldigd voor zoveel derde gedeelten van het voor dat tijdvak verschuldigde marktgeld als er na de aanvang van de belastingplicht nog kalendermaanden overblijven, waarbij een gedeelte van een maand voor een volle maand wordt gerekend. 3.. Indien de belastingplicht voor het marktgeld, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a, b of c, in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel derde gedeelten van het voor dat tijdvak verschuldigde marktgeld als er na het einde van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel