**1..** De leden van de commissie hebben zitting voor een periode van
vier jaren.
**2..** De leden van de commissie treden af volgens een door de
commissie vast te stellen rooster van aftreden.
**3..** Het rooster van aftreden als bedoeld in lid 2 wordt dusdanig
samengesteld, dat sprake is van een evenredig rooster van
aftreden.
**4..** De aftredende leden kunnen onmiddellijk worden herbenoemd.
**5..** De leden hebben zitting in de commissie zonder last of
ruggespraak.
**6..** Zodra blijkt dat een lid van de commissie één van de vereisten
van het lidmaatschap niet meer bezit of dat hij handelt in
strijd met het bepaalde in het tiende lid van dit artikel, wordt
hij op voorstel van burgemeester en wethouders door de
gemeenteraad van zijn lidmaatschap vervallen verklaard.
**7..** De commissie kan de gemeenteraad voorstellen dat een lid van de
commissie, dat naar het oordeel van de commissie door handelen
of nalaten in ernstige mate afbreuk doet aan het functioneren
van de commissie, uit zijn functie wordt ontheven.
**8..** Het college is bevoegd om een lid van de commissie, dat naar
zijn oordeel door handelen of nalaten in ernstige mate afbreuk
doet aan het functioneren van de commissie, te schorsen en de
gemeenteraad een voorstel te doen om betrokkene uit zijn functie
te ontheffen.
**9..** Indien binnen 2 maanden na het besluit tot schorsing de
gemeenteraad geen besluit tot ontslag heeft genomen, vervalt het
schorsingsbesluit.
**10..** Het lidmaatschap van de commissie is onverenigbaar met:
een betrekking bij het openbaar basisonderwijs in de
gemeente Ommen;
een andere betrekking bij de bestuurscommissie openbaar
basisonderwijs gemeente Ommen;
het lidmaatschap van het bestuur van enige school voor
het bijzonder onderwijs in de gemeente Ommen;
het lidmaatschap van de raad van de gemeente Ommen;
het lidmaatschap van de (gemeenschappelijke)
medezeggenschapsraad als bedoeld in artikel 1 lid
f.
**11..** De leden van de commissie mogen middellijk, noch onmiddellijk
deelnemen aan leveringen ten behoeve van de openbare
basisscholen, noch optreden als advocaat of adviseur in
aangelegenheden, waarbij de basisscholen betrokken zijn. Zij
mogen geen voordeel, hoe ook genaamd en in welke vorm ook,
genieten terzake van de basisscholen, noch op grond van hun
lidmaatschap van de commissie, enige gift, provisie of beloning
aannemen.
**12..** Het lid dat één van de in het tiende lid bedoelde handelingen
verricht kan door de gemeenteraad van zijn lidmaatschap
vervallen worden verklaard. Ten aanzien van de door de
gemeenteraad aangewezen leden is dan het bepaalde in artikel W9,
eerste t/m vierde lid van de Kieswet van overeenkomstige
toepassing.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.2.
Artikel 6
Artikel 6
Onderdeel van VERORDENING BESTUURSCOMMISSIE OPENBAAR BASISONDERWIJS GEMEENTE OMMEN