In deze verordening wordt verstaan onder:
het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hilversum;
de wet: de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen;
kinderopvang: het bedrijfsmatig of anders dan om niet verzorgen, opvoeden en bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen tot de eerste dag van de maand waarop het voortgezet onderwijs voor die kinderen begint;
gastouderopvang: kinderopvang als bedoeld in artikel 1.1 lid 1 van de wet;
kindercentrum: een voorziening waar kinderopvang plaatsvindt, anders dan gastouderopvang;
gastouderbureau: een organisatie die gastouderopvang tot stand brengt en begeleidt en door tussenkomst van wie de betaling van ouders aan gastouders geschiedt;
ouder: de ouder als bedoeld in artikel 1.1 lid 1 van de wet;
partner: de partner als bedoeld in artikel 1.22 van de wet;
tegemoetkoming: een tegemoetkoming als bedoeld in artikel 1.24 van de wet;