Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3

Artikel 29

Stemming over personen

Onderdeel van Reglement van orde voor de raad van Maasdriel 2012

1.. Bij stemming over personen in verband met een voordracht of het opstellen van een voordracht benoemt de voorzitter 3 raadsleden tot leden van het stembureau. 2.. Ieder raadslid ter vergadering aanwezig dat zich niet op grond van de Gemeentewet van stemming dient te onthouden, is verplicht een stembriefje in te leveren. De stembriefjes dienen identiek te zijn. 3.. Er vinden even zoveel stemmingen plaats als er personen dienen benoemd te worden, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op voorstel van de voorzitter beslissen dat bepaalde stemmingen worden samengevat op één stembriefje. 4.. Het stembureau onderzoekt of het aantal ingeleverde stembriefjes gelijk is aan het aantal leden dat ingevolge het tweede lid verplicht is een stembriefje in te leveren. Wanneer de aantallen niet gelijk zijn worden de stembriefjes vernietigd zonder deze te openen en wordt een nieuwe stemming gehouden. 5.. Voor het bepalen van de volstrekte meerderheid als bedoeld in artikel 30 van de Gemeentewet worden geacht geen stem te hebben uitgebracht die leden die geen behoorlijk stembriefje hebben ingeleverd. Als een niet behoorlijk ingevuld stembriefje wordt aangemerkt: een blanco ingevuld stembriefje; een ondertekend stembriefje; een stembriefje waarop meer dan één naam is vermeld, tenzij de stemming verschillende vacatures betreft; een stembriefje waarbij, indien het een benoeming op voordracht betreft, op een persoon wordt gestemd die niet is voorgedragen; een stembriefje waarbij op een andere persoon wordt gestemd dan die waartoe de stemming is beperkt. 6.. In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje beslist de raad, op voorstel van de voorzitter. 7.. De griffier draagt er zorg voor dat de stembriefjes onmiddellijk na vaststelling van de uitslag worden vernietigd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel