Ontstaan van de belastingschuld en de heffing naar tijdsgelang
De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, is verschuldigd bij de aanvang van het parkeren,
De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, is verschuldigd op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.
Ontheffing van parkeerbelasting wordt uitsluitend op aanvraag verleend.
Indien een vergunning wordt ingetrokken of vervalt, wordt op aanvraag ontheffing van parkeerbelasting verleend over de nog niet ingetreden volle kalendermaanden, waarop de vergunning betrekking heeft.
Indien als gevolg van maatregelen getroffen door of met instemming van het gemeentebestuur de vergunninghouder over een gedeelte van het tijdvak waarvoor de vergunning geldt geen gebruik kan maken van de vergunning, wordt ontheffing van parkeerbelasting verleend over het aantal volle kalendermaanden gedurende welke dat gebruik niet mogelijk is geweest.
Indien voor een voertuig parkeerbelasting als genoemd in onderdeel 4 van de bij deze verordening behorende tarieventabel is betaald en aannemelijk is dat niet of slechts gedurende een gedeelte van de desbetreffende periode van de parkeermogelijkheid gebruik kan worden gemaakt, wordt op aanvraag ontheffing van parkeerbelasting verleend over het aantal volle kalendermaanden gedurende welke dat gebruik niet mogelijk is geweest.
Hoofdstuk
Artikel 7
Artikel 7
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van parkeerbelastingen 2013