**1..** Het havengeld wegens het gebruik maken van de haven ten behoeve van vaartuigen bedraagt, indien het per keer wordt berekend:
a1.
voor sleepboten, baggermolens, elevatoren, drijvende werktuigen en werkinrichtingen, zogenaamd aannemersmateriaal, boten- en badhuizen, woonschepen, houtvlotten, balken, aanlegsteigers en dergelijke, voor iedere m2 in te nemen plaatsruimte
€ 0,144
a2.
voor passagiersschepen voor iedere m2, met dien verstande dat indien het verblijf in de haven ten hoogste één dag duurt geen havengeld wordt geheven
€ 0,144
a3.
voor pleziervaartuigen voor iedere m2 in de te nemen plaatsruimte en per dag
€ 0,182
b.
voor carrouselschepen, voor iedere m2 oppervlakte
€ 0,160
c.
voor alle overige vaartuigen met uitzondering van zeevaartuigen per m3 waterverplaatsing
€ 0,144
d.
voor zeevaartuigen, geen pleziervaartuigen zijnde, per bruto-ton draagvermogen
€ 0,155
**2..** In geval door een vaartuig minder dan de helft van de totale scheepstonnage en/of kubieke meters inhoud wordt geladen of gelost, wordt het havengeld berekend over de helft van de scheepstonnage en/of kubieke meters inhoud, ongeacht hoeveel minder dan de helft wordt gelost of geladen.
HOOFDSTUK II
Artikel 9
– Tarieven
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van de scheepvaartrechten 2013