Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 Budgetsubsidies › Paragraaf 2 subsidieverlening

Artikel 16. aanvraag tot subsidieverlening

Artikel 16. aanvraag tot subsidieverlening

Onderdeel van Subsidieverordening welzijn 2010

1.. Een aanvraag tot verlening van een budgetsubsidie voor een periode van ten hoogste vier jaar dient bij het college te worden ingediend vóór 1 mei van het jaar voorafgaand aan het eerste jaar van de vierjarige periode. Een te laat ingediende aanvraag wordt niet in behandeling genomen. 2.. Een organisatie kan in aanmerking komen voor een budgetsubsidie door middel van een uitvoeringsovereenkomst ingevolge de methodiek van beleidsgestuurde contractfinanciering (BCF). 3.. Een organisatie waarmee nog géén uitvoeringsovereenkomst is of kan worden gesloten, verstrekt elk jaar gedurende de subsidieperiode, de volgende bescheiden: a. een bijgesteld werkplan; b. een bijgestelde (meerjaren) begroting. 4.. Een organisatie waarmee wel een uitvoeringsovereenkomst is of wordt gesloten, verstrekt elk jaar gedurende de subsidieperiode, de volgende bescheiden: a. Een bijgestelde (meerjaren) begroting; b. Een kostenverdeelstaat, waarbij de instelling aangeeft van welke productiviteitsnormen wordt uitgegaan; c. een berekening van de gehanteerde integrale uurtarieven. 5.. Ingeval voor de eerste maal subsidie wordt aangevraagd legt de organisatie tevens de volgende stukken over: a. de oprichtingsakte met de statuten; b. een bewijs van inschrijving bij de Kamer van Koophandel; c. een exemplaar van het huishoudelijk reglement met de vaststellingsdatum ervan; d. een overzicht van de bestuurssamenstelling van de organisatie. 6.. Het college kan bepalen dat ook andere dan in dit artikel genoemde gegevens en bescheiden, die voor het beoordelen van de aanvraag van belang zijn, worden overgelegd.

Rechtspraak bij dit artikel