Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Voorwaarden

Onderdeel van Regeling briefadres gemeente Rotterdam 2012

1.. De aangifte wordt gedaan in de gemeente waar het briefadres zich bevindt. 2.. De aanvrager is verplicht om bij de aangifte tot briefadres alle benodigde stukken te overleggen. 3.. De aanvrager dient het verzoek in persoon toe te lichten, als het briefadres gevraagd wordt op grond van artikel 2, eerste lid, sub a t/m d en lid 4. 4.. Onder benodigde stukken als bedoeld in het tweede lid wordt in ieder geval verstaan: een geldig identiteitsbewijs; de schriftelijke verklaring van de aanvrager inhoudende de reden voor de aangifte alsmede de te verwachten periode dat het briefadres noodzakelijk is; een kopie van een geldig identiteitsbewijs en een schriftelijke verklaring van instemming van degene bij wie het briefadres wordt gehouden; een ingevulde en ondertekende vragenlijst briefadres, als het briefadres gevraagd wordt op grond van artikel 2, eerste lid, sub a t/m d en lid 4. 5.. De briefadresgever die als ingezetene in de GBA ingeschreven staat, kan maximaal aan twee gezinshuishoudens of twee alleenstaanden een briefadres geven.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel