Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Afdeling › Paragraaf

Artikel 2.1.5.3

Maken en veranderen van een uitweg

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2006

Het is verboden zonder vergunning van het college: een uitweg te maken naar de weg; van de weg gebruik te maken voor het hebben van een uitweg; verandering te brengen in een bestaande uitweg naar de weg. Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder weg verstaan hetgeen artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994 daaronder verstaat. Een vergunning als bedoeld in het eerste lid kan worden geweigerd in het belang van: de bruikbaarheid van de weg; het veilig en doelmatig gebruik van de weg; de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving; de bescherming van groenvoorzieningen in de gemeente. Het verbod geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet beheer Rijkswaterstaatswerken, artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994, of de wegenverordening Noord-Holland.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel