Het is verboden bij vorst of dreigende vorst water op de
weg te werpen, uit te storten of te laten lopen.
Het verbod geldt niet voor zover in het daarin geregelde
onderwerp wordt voorzien door artikel 427, aanhef en onder 4e van het Wetboek van
Strafrecht of artikel 5 van de Wegenverkeerswet
1994.
Hoofdstuk › Afdeling › Paragraaf
Artikel 2.1.6.1
Veroorzaken van gladheid
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2006