Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 8

Voorschriften en beperkingen

Onderdeel van Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren 2012

1. Het college kan aan het instemmingsbesluit nadere voorschriften of beperkingen verbinden in het belang van: de openbare orde. veiligheid, waaronder ook verstaan wordt de verkeersveiligheid en/of een goede doorstroming van het verkeer. het voorkomen of beperken van schade of overlast; waaronder ook verstaan wordt de bescherming van eventuele archeologische vondsten, van groenvoorzieningen, bomen en beplantingen en van het uiterlijke aanzien van de omgeving. de bereikbaarheid van gronden of gebouwen; waaronder ook wordt verstaan het veilig en doelmatig gebruik van openbare gronden en gebouwen en het doelmatig beheer en onderhoud ervan en het belang van nader aan te geven grote lokale evenementen als weekmarkten en kermissen. de ondergrondse ordening, waaronder ook verstaan wordt het zo min mogelijk hinder veroorzaken voor reeds in de grond aanwezige werken en het niet in gevaar brengen of zonder noodzaak bemoeilijken van deze werken, waaronder ook verstaan worden werken ten behoeve van de riolering en de levering of het transport van elektronische informatie, gas, water en elektriciteit. 2. De voorschriften of beperkingen, zoals genoemd in het eerste lid, kunnen slechts betrekking hebben op: het tijdstip, de plaats en wijze van uitvoering bij aanleg, instandhouding, opruiming, onderhoud en verplaatsing van kabels en leidingen. het medegebruik van voorzieningen, zoals kabelgoten en geleidingen, die door derden of de gemeente Westervoort tegen marktconforme prijzen ter beschikking worden gesteld. een zekerheidsstelling voor de nakoming van verplichtingen die gesteld zijn bij de voorschriften en beperkingen aan het instemmingsbesluit. afmetingen van kasten en andere toebehoren behorende bij het netwerk. 3. De grondroerder informeert omwonenden ter plaatse van de uit te voeren werkzaamheden zoals bedoeld in onderdeel t van artikel 1 minimaal drie werkdagen voor de start van de werkzaamheden schriftelijk over aanvang, duur, aard en plaats van de werkzaamheden. 4. De grondroerder meldt het werk via het genoemde systeem zoals bedoeld in onderdeel u van artikel 1. 5. De wijze van uitvoering bij aanleg, onderhoud, verplaatsing en opruiming van kabels en leidingen en medegebruik van voorzieningen moet gebeuren conform in de gemeente van toepassing zijnde uitvoeringsvoorschriften zoals bedoeld in onderdeel s van artikel 1. In dat kader is het college ook bevoegd voorschriften te stellen op het gebied van markering, afzetting en het toepassen van proefsleuven. Bij tegenstrijdigheden van de bepalingen van deze verordening en de bepalingen uit de uitvoeringsvoorschriften, hebben de bepalingen van deze verordening voorrang. 6. De grondroerder vergoedt aan de gemeente Westervoort de schade voortvloeiend uit de werkzaamheden, waarbij de omvang beperkt is tot vergoeding van de marktconforme kosten van de door de gemeente ter beschikking gestelde voorzieningen en van de meerdere marktconforme kosten van onderhoud. 7. De grondroerder is verplicht na het einde van de werkzaamheden de grond, eventuele verhardingen en beplanting terug te brengen in de oude staat, tenzij het college vooraf heeft aangegeven hier zelf zorg voor te willen dragen. 8. De grondroerder draagt in het geval van werkzaamheden voor de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en leidingen ten behoeve van een (al dan niet openbaar) elektronisch communicatienetwerk de marktconforme kosten voor herstel die gebaseerd zijn op de VNG richtlijn “Tarieven (graaf)werkzaamheden Telecom” en de bijbehorende “Tarieven (her)straatwerkzaamheden kabels- en/of leidingwerken”, die jaarlijks opnieuw worden vastgesteld. 9. De grondroerder draagt in het geval van werkzaamheden voor de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en leidingen bestemd voor het transport van vaste, vloeibare of gasvormige stoffen en energie (nutsnetwerken) de marktconforme kosten voor herstel die gebaseerd zijn op de Algemene voorwaarden zoals bedoeld in onderdeel s van artikel 1. 10. Als binnen twee jaar na groot onderhoud of herinrichting van openbare gronden een grondroerder werkzaamheden moet uitvoeren, verlangt het college specifiek schadeherstel ten einde de situatie terug te brengen in de oude staat. De hiermee gepaard gaande kosten zijn voor rekening van de grondroerder. 11. Als een grondroerder werkzaamheden moet uitvoeren in bijzondere bestrating, is hij verplicht de specifieke schade te herstellen ten einde de situatie terug te brengen in de oude staat. 12. Het verkrijgen van een instemmingsbesluit laat onverlet dat in voorkomende gevallen ook een omgevingsvergunning is vereist. Het college draagt zorg voor een samenhangende behandeling van vergunning en aanvraag voor een instemmingsbesluit. 13. Voor de afgifte van een instemmingsbesluit zijn leges verschuldigd conform de Legesverordening van de gemeente Westervoort.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel