**1..** De bijdrage, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder a, bedraagt:
€ 800,-- indien het (gezamelijke) inkomen niet méér bedraagt dan de normen genoemd in artikel 21 en artikel 22 Wwb;
€ 700 indien het (gezamenlijke) inkomen niet meer bedraagt dan de normen genoemd onder a. verhoogd met een bedrag van € 681,--;
€ 570 indien het gezamenlijke inkomen niet meer bedraagt dan de normen onder a. verhoogd met een bedrag van €1.362,--.
**2..** De bijdrage bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder b, bedraagt € 350.
**3..** De normen, genoemd in het eerste lid, worden geacht te zijn herzien, indien en voor zover de bedragen in artikel 21 en artikel 22 Wwb zijn herzien.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.4
Artikel 2.4
Onderdeel van Verordening geldelijke steun ouderen bij verhuizing 2005