De accountantscontrole wordt opgedragen aan een door de raad aan te
wijzen accountant.
De raad stelt voor de accountantscontrole het programma van eisen
vast. In het programma van eisen worden voor de jaarlijkse
accountantscontrole opgenomen :
de toe te passen goedkeuringstoleranties en eventuele
afwijkende rapporteringtoleranties bij de controle van de
jaarrekening;
de apart te controleren deelverantwoordingen en de daarbij
toe te passen omvangsbases en goedkeuringstoleranties (en
afwijkende rapporteringtoleranties);
de inrichtingseisen voor het verslag van bevindingen;
de eventueel aanvullende uit te voeren tussentijdse
controles;
de frequentie en inrichtingseisen van de aanvullende
tussentijdse rapportering; en voor ieder afzonderlijk te
controleren begrotingsjaar:
de posten van de jaarrekening en deelverantwoordingen met
bijbehorende afwijkende rapporteringtoleranties, waaraan de
accountant bij zijn controle specifiek aandacht dient te
besteden;
de gemeentelijke producten en/of organisatieonderdelen met
bijbehorende afwijkende rapporteringtoleranties, waaraan de
accountant bij zijn controle specifiek aandacht dient te
besteden.
In afwijking van het gestelde in lid 2, letters f en g kan de raad
in het programma van eisen opnemen, dat de raad jaarlijks
voorafgaand aan de accountantscontrole in overleg met de accountant
vaststelt de posten van de jaarrekening, de posten van de
deelverantwoordingen, de gemeentelijke producten en de gemeentelijke
organisatieonderdelen, waaraan de accountant bij zijn controle
specifiek aandacht dient te besteden en welke
rapporteringtoleranties hij daarbij dient te hanteren.
In geval van Europese aanbesteding van de accountantscontrole stelt
de raad voor de selectie van de accountant de selectiecriteria vast
en per selectiecriterium de bijbehorende weging vast.
Artikel 2