Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 3.1 onder a. vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht indien
aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek of
problemen bij het uitvoeren van de mantelzorg
het zelf uitvoeren van een of meer huishoudelijke taken onmogelijk maken en de algemene hulp bij het huishouden geen of onvoldoende compensatie biedt of niet beschikbaar is.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.2
Primaat van de algemene hulp bij het huishouden
Onderdeel van Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Gilze en Rijen 2010