Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7.

Artikel 7.7

Intrekking van een voorziening

Onderdeel van Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Gilze en Rijen 2010

1.. Het college kan een besluit, genomen op grond van deze verordening, geheel of gedeeltelijk intrekken indien: niet is voldaan aan de voorwaarden gesteld bij of krachtens deze verordening; op grond van gegevens beschikt is en gebleken is dat de gegevens zodanig onjuist waren dat, waren de juiste gegevens bekend geweest, een andere beslissing zou zijn genomen. de omstandigheden zijn gewijzigd en, indien deze gewijzigde omstandigheden zich op het moment van de aanvraag hadden voorgedaan, een andere beslissing zou zijn genomen. de omstandigheden zijn gewijzigd en hierdoor de noodzaak tot compensatie is vervallen. 2.. Een besluit tot verlening van een financiële tegemoetkoming of een persoonsgebonden budget kan worden ingetrokken indien: de tegemoetkoming of het budget binnen zes maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de bekostiging van het middel waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden; de in de toekenningsbeschikking genoemde gebruiksduur nog niet is verstreken en de met het persoonsgebonden budget of de financiële tegemoetkoming aangekochte voorziening geen of geen toereikende compensatie meer biedt of door de aanvrager niet meer kan worden gebruikt. 3.. In afwijking van het tweede lid kan een besluit tot verlening van een financiële tegemoetkoming voor verhuis- en inrichtingskosten worden ingetrokken, indien blijkt dat de belanghebbende 2 jaar na de toekenning niet daadwerkelijk is verhuisd. 4.. In de in de leden 1 en 2 onder b bedoelde gevallen dient de verstrekte voorziening te worden gerestitueerd binnen 6 weken nadat de intrekkingsbesluit aan betrokkene is meegedeeld.

Rechtspraak bij dit artikel