De gemeenteraad draagt de volgende bevoegdheden over aan burgemeester en
wethouders:
Milieu-effectrapportage
de bevoegdheid c.q. de verplichting tot het maken van een
milieueffectrapport in gevallen waarin de gemeenteraad het bevoegd
gezag is, zulks met uitzondering van het geven van richtlijnen
inzake de inhoud van het milieueffectrapport en het beoordelen van
het milieueffectrapport en zulks met aanwijzing van het college van
burgemeester en wethouders als orgaan als bedoeld in artikel 7.19
van de Wet milieubeheer.
Vrijstellingbestemmingsplannen
de bevoegdheid tot het nemen van besluiten op verzoeken tot
vrijstelling als bedoeld in artikel 19, lid 1 juncto lid 4 van de
Wet op de Ruimtelijke Ordening.
Projectbesluit en
exploitatieplan
De bevoegdheid tot het nemen van een projectbesluit als bedoeld in
de artikelen 3.10 en 3.40 Wet ruimtelijke ordening (Wro), inclusief
het eventueel in combinatie daarmee vast- stellen van een
exploitatieplan ingevolge artikel 6.12 lid 3 van de Wro
Aan de bevoegdheid als vermeld in 3.1 wordt de voorwaarde verbonden
dat niet wordt gestart met de procedure als bedoeld in artikel 3.11
Wro alvorens de raad in de gelegenheid is gesteld het voorgenomen
projectbesluit te agenderen voor bespreking met het college, mits
dit verzoek wordt ingediend door ten minste éénvijfde, doch minimaal
acht, van de raadsleden en binnen een termijn van twee weken nadat
het college de raad schriftelijk op de hoogte heeft gesteld van het
voorgenomen projectbesluit.
Het verzoek schort de werking van de besluitmogelijkheid krachtens
delegatie op tot na behandeling daarvan in de politieke markt.