1.Ontheffingen op grond van deze verordening zijn overdraagbaar na verkregen
schriftelijke toestemming van het college van burgemeester en wethouders.
2.In geval van een voorgenomen overdracht van de in het eerste lid bedoelde
ontheffingen doet de houder van de ontheffing hiervan onmiddellijk
schriftelijk mededeling aan het college van burgemeester en wethouders onder
vermelding van de naam en het adres van de voorgestelde
rechtverkrijgende.
3.De beslistermijn van artikel 2 van deze verordening is van toepassing op
de aanvraag tot overdracht van de ontheffing.