De precariobelasting wordt niet geheven ten aanzien van:
voorwerpen op de openbare weg bij kleinschalige niet-commerciële buurtactiviteiten;
voorwerpen welke ingevolge een wettelijk voorschrift moeten worden gedoogd;
voorwerpen welke uitsluitend in het belang van de volksgezondheid voorzien of welke uitsluitend worden gebezigd voor weldadige doelen die zijn voorzien van het keurmerk van het centraal bureau fondsenwerving;
voorwerpen of werken ten behoeve van eigendommen welke bij de gemeente of haar instellingen in gebruik zijn;
straatversiering, inclusief apparatuur ten behoeve van verlichting en/of geluidsweergave, mits niet permanent aangebracht en geen commerciële reclame of soortgelijke aanduidingen bevattend;
bloemen- en/of plantenbakken;
borden waarvan de grootste afmeting niet meer bedraagt dan 0,60 meter, uitsluitend vermeldende naam en/of beroep of bedrijf, aangebracht plat tegen de gevel van percelen waar het beroep of het bedrijf wordt uitgeoefend of waar de belastingplichtige woont;
borden tot verhuur of verkoop van de woningen of percelen waaraan deze borden zijn bevestigd;
wegwijzers, verkeersaanwijzingen en voorwerpen welke uitsluitend zijn aangebracht ter gelegenheid van voor het algemeen nut gehouden acties van de Koninklijke Nederlandse Toeristenbond ANWB en andere overeenkomstige instellingen;
buizen of riolen, uitsluitend dienende tot afvoer van fecaliën of hemelwater;
balkons, luifels en erkers, voor zover deze niet voor reclame dienen;
voorwerpen en werken welke uit een oogpunt van monumentenzorg, op grond van enig overheidsbesluit in stand moeten worden gehouden.
Artikel 4
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2013