Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4.

Te verstrekken gegevens bij de aanvraag

Onderdeel van Kinderopvangverordening De Wâlden

1.. Een aanvraag voor een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang bevat: naam, adres en BSN van de ouder; indien van toepassing: naam en BSN van de partner en, indien dit een ander adres is dan het adres van de ouder: het adres van de partner; naam, geboortedatum en BSN van het kind of de kinderen waarop de aanvraag betrekking heeft; een offerte of contract van het kindercentrum of gastouderbureau dat de kinderopvang gaat verzorgen, waarin in ieder geval wordt aangegeven: het aantal uren kinderopvang per week, de kostprijs per uur en de aanvangsdatum van de opvang; een bewijsstuk dat het kindercentrum of gastouderbureau is ingeschreven in het daarvoor geldend gemeentelijk register. gegevens of een verwijzing naar gegevens waaruit blijkt dat de ouder behoort tot de groep personen als bedoeld in artikel 22 van de wet; of gegevens waaruit blijkt dat de ouder een sociaal medische indicatie heeft. Dit toont de ouder aan door een verklaring van een consultatiebureau-arts, schoolarts, kinderarts of een indicatiestelling voor AWBZ – zorg te overleggen waaruit de noodzaak van de kinderopvang blijkt. gegevens betreffende het aantal gewerkte uren van de minst werkende ouder. overige gegevens die het college nodig acht om te kunnen besluiten over de aanvraag van tegemoetkoming. 2.. De aanvraag geschiedt met behulp van een door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld aanvraagformulier. 3.. Indien de aanvragende ouder een partner heeft, wordt de aanvraag mede ondertekend door de partner.

Rechtspraak bij dit artikel