Langdurig, laag inkomen
Een referteperiode van vijf jaar (60 maanden), zoals artikel 36 WWB (wettekst tot 1 januari 2009) voorschreef wordt in deze verordening voortgezet.
Bij gehuwden moeten beide partners aan de eisen voldoen om recht te hebben op de langdurigheidstoeslag. Dan hebben beide echtgenoten geen recht op langdurigheidstoeslag. Het recht op langdurigheidstoeslag komt gehuwden gezamenlijk toe. Zij moeten daarom ook allebei, zowel afzonderlijk als gezamenlijk aan de voorwaarden voldoen. In dit opzicht is vanaf 2012 het nieuwe begrip “gezin” van belang. Alle gezinsleden zullen moeten voldoen aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor de langdurigheidstoeslag. De langdurigheidstoeslag zal evenredig verdeeld moeten worden over de gezinsleden.