1 a Een bewonersvergunning is geldig in één vergunningengebied,
zijnde het
vergunningengebied alwaar de vergunninghouder woonachtig
is;
b Een bewonersvergunningen welke is verleend aan een bewoner in
de gebieden III en IV is
geldig binnen deze twee gebieden;
c Ten aanzien van gebied VI worden alleen bewonersvergunningen
verstrekt.
2 a Een bezoekersvergunning kan alleen verleend worden ten
aanzien van de gebieden I, II of
V als aangegeven in de bijlagen van deze verordening;
b Een bezoekersvergunning is geldig in de straat waarin het
adres is gelegen ten aanzien waarvan de vergunning op grond van
artikel 5 is verstrekt, of een direct daaraan aangrenzende
straat;
c Een bezoekersvergunning mag alleen worden gebruikt wanneer de
eigenaar of houder van het motorvoertuig waarin de vergunning is
aangebracht, op bezoek is bij de vergunninghouder.
3a Een bedrijfsvergunning welke is verleend aan een bedrijf dat
is gevestigd in de
vergunningengebieden I of II is alleen geldig binnen deze twee
vergunningengebieden;
b Een bedrijfsvergunning welke is verleend aan een bedrijf dat
is gevestigd in vergunningengebied III of IV is alleen geldig
binnen deze twee vergunningengebieden;
c Een bedrijfsvergunning welke is verleend aan een bedrijf dat
is gevestigd in vergunningengebied V is alleen geldig in dat
vergunningengebied;
d Een bedrijfsvergunning welke is verleend op grond van artikel
6, onderdeel d, is geldig in alle vergunninggebieden.
4 a Vergunningen voor gebied III zijn alleen geldig op
vrijdagavond en overige koopavonden van 17.00 uur tot 21.00 uur,
alsmede op zaterdag van 9.00 uur tot 20.00 uur;
b Vergunningen voor gebied IV zijn alleen geldig op maandag tot
en met donderdag en zondag van 17.00 tot 20.00 uur, vrijdag en
overige dagen met koopavonden van 17.00 uur tot 21.00 uur,
alsmede op zaterdag van 9.00 uur tot 20.00 uur;
c Vergunningen voor gebied V zijn alleen geldig op maandag tot
en met zaterdag van 9.00 uur tot 13.00 uur;
5 Vergunningen zijn geldig voor een door burgemeester en
wethouders vast te stellen termijn.
6 Een vergunning geldt voor het parkeren met een motorvoertuig
op één parkeerplaats tegelijk.
7 Een voertuig als bedoeld in artikel 5.6 van de Algemene
plaatselijke verordening mag op een parkeerplaats worden
geparkeerd als dit voertuig is voorzien van een
bezoekersvergunning, of als er ten aanzien van dit kenteken een
vergunning is verstrekt. De bepalingen in de Algemene
plaatselijke verordening blijven onverkort van kracht.
AFDELING IV
Artikel 7
Verlenen en geldigheid vergunningen
Onderdeel van Verordening op het gebruik van parkeerplaatsen en de verlening van vergunningen voor het parkeren