De belasting wordt niet geheven ter zake van:
het hebben van voorwerpen waarvan de aanwezigheid door de gemeente op grond van een overeenkomst of ingevolge een wettelijk voorschrift moet worden gedoogd;
materialen en andere voorwerpen bestemd voor de uitvoering van werken waarvan de kosten direct of indirect ten laste komen van de gemeente Leidschendam-Voorburg;
voorwerpen welke uitsluitend in een algemeen belang voorzien of welke uitsluitend worden gebezigd voor weldadige doeleinden;
voor het hebben van bloem- of plantenbakken en dergelijke voorwerpen of bloemversieringen kleiner dan 1 m²;
luifels, vlaggen of andere voorwerpen van overeenkomstige aard, tenzij het voorwerpen betreffen die een bedrijfsmatig dan wel een commercieel doel dienen;
rijwielrekken;
voorwerpen die tijdelijk en zonder commercieel oogmerk aanwezig zijn in het kader van activiteiten die een cultureel, sociaal of een voor de gemeente promotioneel karakter hebben. Hieronder zijn niet begrepen rommelmarkten, vlooienmarkten of andere markten die worden gehouden op de daartoe bij besluit van Burgemeester en Wethouders aangewezen evenemententerreinen of terreinen die voor het evenement worden afgebakend, door middel van hekken, linten of andere soortgelijke materialen.
Artikel 7
- Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2013