De belasting van de gebruiker is afhankelijk van de hoeveelheid afgevoerd water. De belasting wordt berekend per volle eenheid kubieke meters water, omwille van een eenvoudiger uitvoerbaarheid van de verordening. Het bedrag waarop de aanslag wordt vastgesteld wordt daarmee in feite door afronding bepaald. De hoeveelheid afgevoerd water is op grond van artikel 4 bepaald. Het tarief is afhankelijk van de geloosde hoeveelheid water. In de verordening is hiertoe een aantal schijven opgenomen. Per schijf wordt een ander tarief toegepast voor elke volle eenheid van een bepaald aantal kubieke meters afgevoerd water. Naar de mening van de Werkgroep gemeentelijke belastingen zal de tariefopbouw hierbij in veel gevallen degressief van structuur zijn, zodat voor de afvoer van grote hoeveelheden water een lager tarief per eenheid zal worden berekend. Door de schijven ruim te stellen wordt bereikt dat alleen voor de afvoer van grote of zeer grote hoeveelheden water een reductie op het tarief wordt verleend.
De hier bedoelde reductie laat zich rechtvaardigen als een zogenaamde 'kwantumkorting'. De belastingplichtige geniet derhalve een reductie omdat hij veel water afvoert. Een lineair opgebouwd tariefstelsel is echter uitdrukkelijk toegestaan in Hoge Raad 24 september 2004, nr. 36874, LJN: AF7511 (Vught).
Overigens kan in dit verband worden gewezen op een beslissing van het Hof 's-Hertogenbosch over de verordening rioolrechten van de gemeente Woensdrecht. Het tarief in de onderhavige verordening was degressief. De hoeveelheid werd vastgesteld aan de hand van een opgave van het waterbedrijf over het voorgaande abonnementsjaar. Het Hof besliste hier dat de huidige gebruiker in de heffing kon worden betrokken met als maatstaf het gebruik van de vorige bewoner (Hof 's-Hertogenbosch 2 november 1974, nr. 298/1974, BNB 1975/219).
Artikel 5
Tarieven
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van de rioolheffing 2013