De precariobelasting wordt niet geheven ter zake van het hebben van
voorwerpen of werken, welke door of vanwege de gemeente Leiden, of een andere gemeente, de provincie of het rijk, noodzakelijk voor de uitoefening van hun publiekrechtelijke taak zijn aangebracht of geplaatst;
brievenbussen, postzegelautomaten en telefooncellen, praatpalen en snuffelpalen;
wegwijzers, borden en palen welke uitsluitend zijn aangebracht ten algemene nutte ofwel ter opluistering van nationale of plaatselijke feesten, winkelweken en dergelijke;
een brug of pont over gemeentewater, die de enige gelegenheid biedt om van een perceel de openbare weg te bereiken;
deuren of hekken;
vlaggen zonder reclame of handelsnaam en vlaggenstokken met de bijbehorende vlaggenstokhouders;
brandleidingen en brandputten ten behoeve van bouw- of kunstwerken, vermeld op de voorlopige lijst der Nederlandse Monumenten van Geschiedenis en Kunst;
monumenten en luifels, kroonlijsten, stoepen, stoeppalen, trap, ingang keldergat of iets dergelijks aan of bij percelen die voorkomen op de lijst van beschermde monumenten in Leiden;
voorwerpen, welke behalve de naam niet meer bevatten dan een aanduiding of afbeelding omtrent het beroep of bedrijf, dat wordt uitgeoefend in het perceel, waaraan het voorwerp is bevestigd, mits aan de gevel is aangebracht en de grootste afmeting niet meer dan 1 m. en oppervlakte ten hoogste 0,50m2 bedraagt;
spiegels, bloem- of plantenbakken en dergelijke voorwerpen of bloemversieringen;
balkons, erkers, dakgoten, vensterbanken, afvoerbuizen voor hemelwater en gevelrooster, welke aan een perceel zijn aangebracht;
een sierlamp of - lantaarn zonder opschrift of reclame;
voorwerpen die dienen tot bescherming van de walkant;
plinten, pilasters en dergelijke uitstekende bouwgedeelten, met uitzondering van luifels.
Hoofdstuk
Artikel 4
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting 2013