**1..** De maatregel wordt afgestemd op de hoogte van het benadelingsbedrag als het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht, bedoeld in artikel 44, eerste lid, van de wet heeft geleid tot:
het ten onrechte toekennen of uitvoeren van het werkleeraanbod;
het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van de inkomensvoorziening.
**2..** De maatregel bedoeld in het eerste lid, onderdeel a wordt op de volgende wijze vastgesteld:
bij een benadelingsbedrag tot € 1000,-: 10 procent van de WIJ-norm;
bij een benadelingsbedrag van € 1000,- tot € 2000,-: 20 procent van de WIJ-norm;
bij een benadelingsbedrag van € 2000,- tot € 4000,-: 40 procent van de WIJ-norm;
bij een benadelingsbedrag van € 4000,- of meer: 100 procent van de WIJ-norm.
**3..** De maatregel bedoeld in het eerste lid, onderdeel b wordt op de volgende wijze vastgesteld:
bij een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de bestaansvoorziening wordt een maatregel opgelegd gelijk aan de hoogte van het benadelingbedrag;
als de belanghebbende over een vermogen beschikt wordt de inkomensvoorziening geheel geweigerd tot dat het benadelingbedrag is bereikt;
als geen vermogen (meer) aanwezig is, wordt de inkomensvoorziening verlaagd tot 90% van de voor de belanghebbende vastgestelde of vast te stellen WIJ-norm, totdat het benadelingbedrag is bereikt.
**4..** De duur van de maatregel, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a wordt vastgesteld op een maand.
**5..** Van een maatregel wordt afgezien:
zodra naar aanleiding van de gedraging strafvervolging is ingesteld en het onderzoek ter terechtzitting een aanvang heeft genomen;
zodra het recht tot strafvervolging is vervallen, doordat het Openbaar Ministerie een schikking met belanghebbende heeft getroffen.
Hoofdstuk 3
Artikel 11
Schending inlichtingenplicht met benadeling gemeente
Onderdeel van Maatregelenverordening WIJ Gemeente Zaanstad 2009