Als één ruimte wordt aangemerkt:
een binnen de gemeente gelegen ruimte;
een gedeelte van een in onderdeel a bedoelde ruimte dat blijkens
zijn indeling is
bestemd om als een afzonderlijk geheel te worden gebruikt;
een samenstel van twee of meer in onderdeel a bedoelde ruimten of in
onderdeel b
bedoelde gedeelten daarvan die bij dezelfde persoon in gebruik zijn
en die, naar de
omstandigheden beoordeeld, bij elkaar behoren;
het binnen de gemeente gelegen deel van een in onderdeel a bedoelde
ruimte, van een
in onderdeel b bedoeld gedeelte daarvan of van een in onderdeel c
bedoeld samenstel.
Artikel 3
Belastingobject
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van belastingen op roerende woon- en bedrijfsruimten 2013