Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 11 › Afdeling 2:

Artikel 11.2.2

(Omgevings)vergunning voor het vellen van houtopstanden

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening 2006

1.. Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag houtopstand te vellen of te doen vellen. 2.. Het verbod geldt niet voor: wegbeplantingen en eenrijige beplantingen op of langs landbouw gronden, beide voorzover bestaande uit niet-geknotte populieren of wilgen; vruchtbomen en windschermen om boomgaarden; fijnsparren, niet ouder dan 12 jaar, bestemd om te dienen als kerstbomen en geteeld op daarvoor in het bijzonder bestemde terreinen; kweekgoed; houtopstand die bij wijze van dunning moet worden geveld; houtopstand die deel uitmaakt van als zodanig bij het Bosschap geregistreerde bosbouwondernemingen en gelegen is buiten een bebouwde kom, tenzij de houtopstand een zelfstandige eenheid vormt die: ofwel geen grotere oppervlakte beslaat dan 10 are; ofwel bestaat uit rijbeplanting van niet meer dan 20 bomen, gerekend over het totale aantal rijen; houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantenziektewet of krachtens een aanschrijving of last van het college, zulks onverminderd het bepaalde in artikel 11.2.6. 3.. Het eerste lid is niet van toepassing op houtopstanden in niet-openbare tuinen of niet-openbare erven tenzij het college de betreffende houtopstand, de betreffende niet-openbare tuin of niet-openbare erf heeft aangewezen als houtopstand , niet-openbare tuin of niet-openbaar erf ten aanzien waarvan het eerste lid onverkort van toepassing blijft.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel