Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 9 › Afdeling 3

Artikel 9.3.1

Begripsbepaling

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening 2006

In deze afdeling  wordt verstaan onder: Openbare ruimte: alle voor het openbaar rijverkeer of ander verkeer openstaande wegen of paden, pleinen, plaatsen, plantsoenen, bruggen, viaducten, knooppunten of daarmee vergelijkbare plaatsen of constructies en alle wateren die, al dan niet met enige beperking, voor het publiek bevaarbaar of anderszins toegankelijk zijn, alsmede daarin begrepen alle bouwwerken die daar deel van uitmaken. Woonplaats: een door het college aangewezen gebied waaraan een woonplaatsnaam is toegekend. Complex: een afgebakend samengesteld geheel van gebouwen en bouwwerken (industriecomplex, complex met vakantiehuisjes, kazernecomplex, agrarisch complex, jachthavencomplex, etc.). Afgebakend terrein: een terrein met afsluitbare toegang, waarop zich geen bouwwerken bevinden. Ligplaats: een deel van het openbare water dat is bestemd voor het permanent afmeren van een (woon)schip of een woonark. Standplaats: een kavel, die is bestemd voor het plaatsen van een woonwagen, waarop (nuts)voorzieningen aanwezig zijn. Nummer: een nummer dat bestaat uit een of meer Arabische cijfers, al dan niet met toevoeging van een letter of cijfer, of combinatie van letters en cijfers. Object: een gebouw, complex, afgebakend terrein, ligplaats of standplaats. Rechthebbende: eenieder die krachtens eigendom of een beperkt zakelijk recht de beschikking heeft over een onroerende zaak, alsmede de beheerder. Uitvoeringsvoorschriften: nadere bepalingen van technische en administratieve aard.

Rechtspraak bij dit artikel