**1..** De toeslag bedoeld in artikel 25, eerste lid van de wet bedraagt 20% van de gehuwdennorm voor de alleenstaande en de alleenstaande ouder in wiens woning geen ander zijn hoofdverblijf heeft.
**2..** De toeslag bedoeld in artikel 25, eerste lid van de wet bedraagt 10% van de gehuwdennorm voor de alleenstaande en de alleenstaande ouder in wiens woning een of meer anderen hun hoofdverblijf hebben.
**3..** Voor de toepassing van dit artikel worden de volgende personen niet in aanmerking genomen als een andere die in dezelfde woning zijn hoofdverblijf heeft:
kinderen van 18 jaar of ouder doch jonger dan 21 jaar met een inkomen van ten hoogste de norm als bedoeld in de artikelen 26 en 27 van de Wet investeren in jongeren vermeerderd met 10% van de gehuwdennorm;
meerderjarige kinderen met inkomen op grond van de Wet studiefinanciering 2000 (WSF 2000) vermeerderd met 10% van de gehuwdennorm;
meerderjarige kinderen met een tegemoetkoming op grond van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten (Wtos), vermeerderd met 10% van de gehuwdennorm;
hulpbehoevenden die door belanghebbende worden verzorgd.
Hoofdstuk 2
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Toeslagenverordening Wet werk en bijstand gemeente Ommen