Naar hoofdinhoud
Lid 1 De leden van het dagelijks bestuur zijn, tezamen en ieder afzonderlijk aan het algemeen bestuur verantwoording verschuldigd voor het door hen gevoerde bestuur. De verantwoording kan zowel mondeling als schriftelijk geschieden. Lid 2 Zij geven incidenteel of periodiek, hetzij mondeling, hetzij schriftelijk, gevraagd en ongevraagd aan het algemeen bestuur alle informatie die zij voor een juiste beoordeling van het door het dagelijks bestuur te voeren beleid nodig achten. Lid 3 Zij geven - tezamen dan wel afzonderlijk - aan het algemeen bestuur, wanneer een of meer leden van dit bestuur hierom heeft c.q. hebben verzocht, alle gevraagde inlichtingen.

Rechtspraak bij dit artikel