Naar hoofdinhoud
De begroting. Lid 1 De begroting van het O.L.G.B. wordt door het algemeen bestuur jaarlijks vastgesteld uiterlijk 14 juli voorafgaande aan het jaar waarvoor deze geldt. Het dagelijks bestuur zendt de begroting na vaststelling en voor 14 juli aan Gedeputeerde Staten. Lid 2 Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting zes weken voordat zij aan het algemeen bestuur wordt aangeboden aan de raad van Rotterdam en aan het bestuur van de C.I.B.U.A. Lid 3 De ontwerpbegroting wordt door de zorg van de gemeente Rotterdam voor een ieder ter inzage gelegd en tegen betaling van de kosten algemeen verkrijgbaar gesteld. Artikel 190, tweede lid, van de Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing. Lid 4 De raad van Rotterdam en het bestuur van de C.I.B.U.A. kunnen omtrent de ontwerpbegroting het dagelijks bestuur van het O.L.G.B. van hun gevoelen doen blijken. Lid 5 Nadat deze is vastgesteld zendt het algemeen bestuur de begroting zonodig aan de raad van Rotterdam en de C.I.B.U.A. die ter zake Gedeputeerde Staten van hun gevoelen kunnen doen blijken. Lid 6 Het bepaalde in het tweede, vijfde en zesde lid is mede van toepassing op besluiten tot wijziging van de begroting.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel