Naar hoofdinhoud
1.. De leden van het dagelijks bestuur zijn, tezamen en ieder afzonderlijk, aan het algemeen bestuur verantwoording verschuldigd voor het door hen gevoerde bestuur. 2.. Zij geven gevraagd en ongevraagd aan het algemeen bestuur alle inlichtingen, die voor een juiste beoordeling van het door het dagelijks bestuur te voeren en gevoerde bestuur nodig zijn, tenzij het algemeen belang zich daartegen verzet. 3.. Zij geven, tezamen dan wel afzonderlijk, aan het algemeen bestuur, wanneer dit bestuur of een of meer leden daarvan hierom verzoekt, alle gevraagde inlichtingen, tenzij het algemeen belang zich daartegen verzet. 4.. Het reglement van orde voor het algemeen bestuur regelt de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan het in de leden een, twee en drie bepaalde. HOOFDSTUK VI DE VOORZITTER Artikel 18 Door en uit het algemeen bestuur wordt een voorzitter aangewezen. De voorzitter van het algemeen bestuur is tevens voorzitter van het dagelijks bestuur. Het algemeen bestuur beslist omtrent schorsing en ontslag van de voorzitter.

Rechtspraak bij dit artikel