Het college is bevoegd nadere regels te stellen betreffende het bepaalde in deze verordening, in het bijzonder met betrekking tot de volgende onderwerpen:
de dag, tijd, plaats, afgelasting en verplaatsing van de markt;
de opstelling en indeling van de markt;
het aantal en de afmetingen van de standplaatsen;
de branchering en brancheverdeling;
de vergunningverlening en overschrijving van vergunningen;
het toewijzen en bezetten van standplaatsen;
de afwezigheid bij ziekte, vakantie en in geval van bijzondere omstandigheden;
de vervanging van de vergunninghouder;
het gebruik van huur– en eigen materiaal en kleinmateriaal;
het gebruik van de standplaatsen;
de veiligheidsnormen en normen ter voorkoming van gevaar, hinder en overlast.