Naar hoofdinhoud
1.. Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting acht weken - voordat zij aan het algemeen bestuur wordt aangeboden overeenkomstig het bepaalde in artikel 59 van de Wet gemeenschappelijke regelingen - toe aan Provinciale Staten en aan de raden van de deelnemende gemeenten. 2.. Provinciale Staten en de raden van de deelnemende gemeenten worden van het besluit van het algemeen bestuur ten aanzien van de begroting op de hoogte gesteld. Zo nodig wordt bij deze kennisgeving ook een exemplaar van de vastgestelde begroting gevoegd. De in dit lid genoemde bestuursorganen van de deelnemers kunnen binnen acht weken na de kennisgeving c.q. toezending hun zienswijze over de vastgestelde begroting aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties doen blijken. 3.. Het bepaalde in het eerste en tweede lid van dit artikel is mede van toepassing op besluiten tot wijzigingen van de begroting.

Rechtspraak bij dit artikel