Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6:

Artikel 14

Artikel 14

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Bestuursacademie Zuid-Holland

1.. De voorzitter kan te allen tijde ontslag nemen. Hij/zij geeft daarvan onverwijld kennis aan het algemeen bestuur. 2.. Indien tussentijds de functie van voorzitter vacant of beschikbaar komt, wijst het algemeen bestuur zo spoedig mogelijk een nieuwe voorzitter uit zijn midden aan. 3.. Een tussentijds benoemde voorzitter treedt af op het tijdstip, waarop degene, in wiens plaats hij/zij is benoemd, had moeten aftreden. 4.. Indien de voorzitter ophoudt lid van het algemeen bestuur te zijn, eindigt tevens zijn functie als voorzitter. 5.. In geval van verhindering of ontstentenis wordt de voorzitter vervangen door de krachtens artikel 11, tweede lid aangewezen plaatsvervangend voorzitter.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel