**1..** De vergaderingen van een commissie vinden plaats aan de hand van het
door de raad vastgestelde vergaderschema.
**2..** Een commissie vergadert daarnaast zo dikwijls als de voorzitter het
nodig oordeelt of dit door ten minste een derde van het aantal leden
schriftelijk met opgave van redenen wordt gevraagd.
**3..** De voorzitter bepaalt, in overleg met de commissiesecretaris, de
ontwerp-agenda van de vergadering. Hij draagt er zorg voor dat de in
artikel 6 bedoelde onderwerpen op de voorlopige agenda worden
geplaatst, alsmede de rondvraag voor de portefeuillehouder wiens
portefeuille tot het werkterrein van de commissie behoort en de
rondvraag voor de voorzitter.
**4..** Voor commissies die per vergadercyclus twee keer vergaderen wordt
ten behoeve van de tweede vergadering een geactualiseerde agenda
opgesteld, waaraan ook nieuwe agendapunten kunnen worden
toegevoegd.
**5..** Een lid van de commissie of het college kan de voorzitter verzoeken
een onderwerp, op de voorlopige agenda van de eerstvolgende
vergadering van de commissie te plaatsen.
**6..** De voorzitter geeft, spoedeisende gevallen uitgezonderd, 10 dagen
voor de vergadering aan de leden kennis van de vergadering, onder
opgaaf van de te behandelen punten.
**7..** In de kennisgeving wordt aangegeven welke onderwerpen in één of twee
keer (eerste keer informatief en tweede keer meningsvormend) in de
commissie aan de orde komen.
**8..** De leden van de raad, die geen lid zijn van de commissie, alsmede
overige commissieleden, worden geïnformeerd over de kennisgeving,
bedoeld in het vorige lid.
De voorzitter bepaalt voorts aan wie de agenda eveneens moet worden
toegezonden.
**9..** De voorzitter draagt er zorg voor dat de vergadering wordt
aangekondigd in een gratis verspreid huis-aan-huisblad en dat de
agenda wordt gepubliceerd op de gemeentelijke website van Internet,
alsook de plaats waar de stukken ter inzage liggen.
**10..** De commissie stelt bij het begin van de vergadering de agenda vast.
**11..** In gevallen ter beoordeling van de voorzitter kan een commissie
schriftelijk worden geraadpleegd. Indien schriftelijke afdoening bij
een of meer leden op bezwaar stuit, geschiedt de behandeling van de
desbetreffende aangelegenheid in de eerstvolgende
commissievergadering.
Paragraaf 3.
Artikel 7.
Oproepen/vaststellen agenda
Onderdeel van Statuut voor de raadscommissie gemeente Tilburg 2013