Kwijtschelding na voldoen aan betalingsverplichting
Het college kan in de situaties zoals genoemd in artikel 6 ambtshalve of op (schriftelijk) verzoek besluiten tot gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van de vordering.
Het college besluit niet tot kwijtschelding indien de vordering wordt gedekt door pand of hypotheek op een zaak of zaken, behoudens voor zover de vordering niet op die zaken verhaald kan worden.
In afwijking van het tweede lid besluit het college wel tot kwijtschelding:
indien er gelet op de persoonlijke situatie van de debiteur sprake is van dringende redenen;
bij overlijden van de debiteur, zodra vaststaat of aannemelijk is dat de nalatenschap geen of onvoldoende verhaalsmogelijkheden biedt.
Voor een inkomensvoorziening in de vorm van een geldlening geldt dat indien minimaal 36 maanden overeenkomstig de aflossingsverplichting op de vordering is afgelost, het saldo van de vordering ambtshalve wordt kwijtgescholden. Indien bij de verstrekking van de geldlening sprake is geweest van een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan, geldt deze bepaling niet.