De subsidie bedraagt:
Voor gemeenschapshuizen, welke door de gemeente voor een kostendekkende huurprijs verhuurd worden aan een stichting: De kostendekkende huurprijs minus een eigen bijdrage, welke is gesteld op € 4 m2 Bruto Vloeroppervlak (BVO).
Indien de bezettingsgraad van een accommodatie lager is dan 17% zal nader overleg plaatsvinden. De inspanningen om de bezettingsgraad op peil te brengen zullen inzichtelijk moeten worden gemaakt.
Voor monofunctionele accommodaties, welke door de gemeente voor een kostendekkende huurprijs verhuurd worden aan een vereniging/stichting: De kostendekkende huurprijs minus een eigen bijdrage, welke is gesteld op € 9 m2 Bruto Vloeroppervlak (BVO).
Voor accommodaties t.b.v. het methodisch jeugd- en jongerenwerk, welke door de gemeente worden verhuurd aan een stichting/vereniging: het verschil tussen de kostendekkende huurprijs minus een eigen bijdrage welke is gesteld op € 19 m2 BVO indien de stichting/vereniging ervoor opteert dat de gemeente het eigenaaronderhoud voor haar rekening neemt en € 4 m2 BVO indien de vereniging/stichting ervoor opteert het eigenaaronderhoud voor haar eigen rekening te nemen.
Voor gemeenschapshuizen, welke door de gemeente voor een marktconforme huurprijs verhuurd worden aan een commerciële partij: een bijdrage voor invulling van de maatschappelijke functie.
Voor gemeenschapshuizen in eigendom van stichtingen: de goedgekeurde kosten van eigenaaronderhoud aan de accommodatie.
Indien de bezettingsgraad van een accommodatie lager is dan 17% zal nader overleg plaatsvinden. De inspanningen om de bezettingsgraad op peil te brengen zullen inzichtelijk moeten worden gemaakt.
Artikel 4
subsidiecriteria
Onderdeel van Beleidsregels huisvestingssubsidie gemeenschapsaccommodaties