Als een belanghebbende een tekortschietend besef van
verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan heeft
betoond als bedoeld in artikel 18, tweede lid, WWB wordt een
verlaging opgelegd.
Onder tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de
voorziening in het bestaan als bedoeld in artikel 18, tweede
lid, van de WWB wordt in ieder geval verstaan:
het op verzoek niet tijdig ter inzage verstrekken van
een geldig legitimatiebewijs (art. 17, lid 4 WWB);
het niet meewerken aan het verrichten van noodzakelijke
betalingen uit de toegekende bijstand (budgettering art.
57, sub a WWB);
het niet meewerken aan een schuldsanering (art. 55
WWB);
het niet meewerken aan een noodzakelijke behandeling van
medische aard (art. 55 WWB);
niet alles in het werk stellen om een boedelscheiding
tot stand te brengen (art. 55 WWB);
verkoop woning beneden de waarde (art. 55 WWB);
te snelle intering van vermogen (art. 55 WWB);
onderbedeling bij echtscheiding (art. 55 WWB) of
beëindiging geregistreerd partnerschap;
te late of geen aanvaarding voorliggende voorziening
(art. 55 WWB);
het niet aangifte doen door de belanghebbende zonder
adres van een briefadres (art. 40 lid 2 WWB);
het niet meewerken aan de verplichting tot het vestigen
van een lening ter verkrijging van zekerheid voor de
nakoming van de aan de bijstand verbonden rente- en
aflossingsverplichtingen (art. 48 lid 3 WWB);
het niet afsluiten van een zorgverzekering of het niet
afsluiten van een adequatezorgverzekering (artikel 1 sub
f), voor zover dit leidt tot een beroep op
bijstand.
Van onverantwoord snelle intering van vermogen is sprake indien,
vanaf het moment waarop de belanghebbende redelijkerwijs kan
weten dat hij op bijstand raakt aangewezen, het vermogen afneemt
tot onder de grens van het vrij te laten vermogen (artikel 34,
lid 2, onder d, en lid 3, WWB) als gevolg van spendering van
middelen met meer dan anderhalf maal de voor de belanghebbende
van toepassing zijnde bijstandsnorm inclusief
vakantietoeslag.
Voor de toepassing van dit artikel wordt de bijstandsnorm
verhoogd met de voor eigen rekening blijvende premie van een
particuliere ziektekostenverzekering, alsmede met het verschil
van de huurtoeslag die de belanghebbende werkelijk ontvangt en
de huurtoeslag die hij zou hebben ontvangen bij een inkomen ter
hoogte van de voor hem geldende bijstandsnorm.
Hoofdstuk 4
Artikel 16 Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid
Artikel 16 Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid
Onderdeel van Afstemming- en handhavings-verordening WWB, IOAW en IOAZ 2012 en volgende jaren