Naar hoofdinhoud
1.. In deze verordening wordt verstaan onder: a. College Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Den Haag b. Uitkering De van toepassing zijnde norm inclusief eventuele gemeentelijke toeslag of verlaging, van de wetten genoemd in artikel 1, tweede lid van deze verordening. c. Beslagvrije voet Beslagvrije voet als bedoeld in de artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. d. Bezit Waarde van de bezittingen waarover belanghebbende of diens gezin beschikt of redelijkerwijs kan beschikken, met uitzondering van het in de woning met bijbehorend erf gebonden vermogen, bedoeld in artikel 50 eerste lid van de WWB. e. Belanghebbende Degene die als alleenstaande, alleenstaande ouder of als lid van het gezin als bedoeld in de WWB een uitkering krachtens de in artikel 1 genoemde wetten heeft aangevraagd of aan wie een uitkering is toegekend. f. Maatregel Een tijdelijke verlaging van de uitkering. g. Benadelingsbedrag De uitkering of de bijstand die als gevolg van schending van de inlichtingenverplichting ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verstrekt. 2.. De begripsbepalingen van de WWB, IOAW , IOAZ en het Boetebesluit sociale zekerheidswetten zijn op deze verordening en de daarop berustende bepalingen van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel