**1..** Het college verrekent de recidiveboete gedurende één maand zonder
toepassing van de beslagvrije voet, indien het bezit van een
belanghebbende niet ten minste driemaal de toepasselijke
bijstandsnorm bedraagt. De verrekening geschiedt vanaf het moment
van de dagtekening waarop de bestuurlijke boete is opgelegd.
**2..** Aansluitend op verrekening als bedoeld in het eerste lid, verrekent
het college de recidiveboete in de daaropvolgende twee maanden op
een dusdanige wijze dat belanghebbende blijft beschikken over een
inkomen ter hoogte van 80% van de toepasselijke bijstandsnorm.
**3..** Tot het inkomen, bedoeld in het tweede lid, worden ook middelen
gerekend als bedoeld in artikel 31, tweede lid, onderdelen n en r,
van de Wet werk en bijstand.
Hoofdstuk 3
Artikel 17
Verrekenen bestuurlijke boete bij geen of onvoldoende bezit
Onderdeel van Verordening maatregelen, fraude en verrekenen bestuurlijke boete inkomensvoorzieningen 2013